Er ligt een grote dikke citroen op straat. Zo’n eentje waarbij je bij onze nationale grootgrutter 50 eurocenten voor betaald. Opengebarsten mandarijnen er naast. De straten in de pueblos blancos worden bevolkt door citrusbomen. Zou iemand ze plukken of zou men hier wachten totdat ze allemaal uit de boom zijn uitgevallen? Zonde!
In Casa Bocaleones bestaat de bovenstaande kwestie niet. Ik zwaai de ijzeren poort open en loop over het grintpaadje naar beneden. Hoed op mijn hoofd, kistje vastgeklemd Het is lang geleden dat ik sinaasappelen heb geplukt, 32 jaar om precies te zijn in Israël, toen een gap year nog niet bestond en ik kon kiezen tussen een verblijf als au pair of als volunteer werken op een kibbutz na de middelbare school.
Links van me is het stenen muurtje, voor me een kleine citrusplantage. De boom rechts zou sinaasappelen dragen die ‘fuerte’ zijn, links ‘dulce’. Ik heb al lang besloten dat het niet uitmaakt.
Hoeveel sinaasappelen gaan er in een longdrinkglas? Zeven. Keer twee (ook voor hubby) is veertien. De onderste takken zijn al bijna leeg.

















